Menu

Training voor wielrennen: 6 tips

by | mrt 13, 2017

Training voor wielrennen: 6 tips

Voordat je begint met trainen is het verstandig om eerst het doel wat je hebt vast te stellen. Wil je elke week een leuke toertocht kunnen maken, je fietsvrienden bij kunnen houden of trainen voor een pittige cyclo? Drie heel verschillende doelen met een heel verschillende aanpak. Hierna volgen wat algemene tips die voor iedereen gelden

Tip 1.
Begin met trainen op de gewenste afstand.
Wil je bijvoorbeeld 120 km aankunnen zorg er dan voor dat je eind februari zonder problemen 80 km kunt fietsen. Eind maart zijn dit er 100 en eind april 120 (of iets meer). Trainen op een lange afstand doe je door te fietsen op een lage intensiteit. Gewoon rustig kilometers maken bij een lage hartslag (een gesprek voeren is geen probleem).

Tip 2.
Begin met afvallen!
Hoe lichter je bent, hoe makkelijker je straks omhoog zal rijden. Afvallen doe je enerzijds door te trainen op een lage intensiteit, maar doe je vooral door op je voeding te letten. Begin hier tijdig mee! Als je moeite hebt om af te vallen, neem dan contact op met een diëtist.

Tip 3.
Voeg krachttraining toe aan je trainingen.
Krachttraining zorgt ervoor dat je harder gaat klimmen. Aan het einde van elke langere rit slaat de vermoeidheid toe en ben je niet meer in staat om met een hoge cadans te klimmen. De kracht per pedaalomwenteling neemt dus toe. De kracht is op dat moment een beperkende factor. Krachttraining op de fiets doe je in korte blokken met een lage trapfrequentie en een hoge weerstand.

Tip 4.
Doe intervaltrainingen op het omslagpunt.
Ook van deze trainingen ga je uiteindelijk harder bergop rijden. Begin echter pas met deze trainingen als je basisconditie goed is, dit zijn namelijk intensieve trainingen, waarvan je niet goed herstelt als je slecht in conditie bent. Het mooiste is natuurlijk om dergelijke trainingen bergop te doen, maar ook als je dergelijke trainingen op de vlakke weg uitvoert word je er beter van. Deze trainingen moet je wel uitvoeren met een hartslag- of vermogensmeter. Om erachter te komen wat jouw omslagpunt is moet je een inspanningstest doen.

Tip 5.
Leer doseren en probeer te ontdekken wat je wel en niet kan.
De meeste wielrenners rijden een positieve splittijd. Dat wil zeggen dat ze de eerste helft van een tocht of wedstrijd sneller afleggen dan de tweede helft. Om dit te voorkomen moet je ontdekken wat je eigen mogelijkheden zijn. Dit doe je vooral door ervaring op te doen. Pas wanneer je veel lange tochten rijdt kom je erachter hoe hard je aan een pittige tocht kunt beginnen. Durf dus vooral een keer een lange tocht te maken om te ontdekken hoe het gaat. Maar start vooral niet te hard, zeker niet tijdens beklimmingen.

Tip 6.
Maak een plannetje en begin uitgerust aan de tocht.
Als je goed getraind hebt, je weet wat je mogelijkheden zijn en je weet enigszins hoe de tocht (cyclo) eruit ziet, bepaal dan een strategie voor jezelf. Dit gaat niet alleen om de verdeling van je krachten, maar heeft ook betrekking op datgene wat je gaat eten en drinken tijdens de tocht. Zorg er daarnaast voor dat je goed uitgerust aan je (wekelijkse) tocht begint.

Tot zover de tips! Wil je meer weten over training en trainingsbegeleiding, kijk dan op robic.nl

Ger
Oprichter

Ik ben eigenaar en oprichter van Andalusië Fietsreizen. Sinds februari 2011 begeleid ik mijn gasten door de bergen rondom Ronda. Als gepassioneerd fietser heb ik vele streken in Europa (en Noord Amerika) mogen bezoeken op de fiets.

0 Comments

Submit a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *